Een atheïst in de kerk

‘Deksels,’ dacht ik toen ik de samenvatting van I Sold My Soul on eBay las, ‘dit is een boek dat ik wel had willen schrijven!’ Als ik erbij zeg dat de ondertitel Viewing Faith Through an Atheist’s Eyes luidt, begrijp je misschien waarom. Ik heb het spanningsveld tussen geloof en ongeloof altijd interessant gevonden.

In 2006 zette de jonge Amerikaanse atheïst Hemant Mehta zijn ziel te koop op eBay. Symbolisch, dat wel, want hij gelooft niet in een ziel. Degene die de online veiling won, mocht Mehta naar elke kerk naar wens sturen, zo vaak hij of zij wilde. Mehta’s plan veroorzaakte een hoop media-aandacht en werd een groter succes dan hij had verwacht. Eigenaar van zijn ziel werd Jim Henderson, christelijk schrijver en voormalig predikant, voor maar liefst $500 (of is dat een koopje voor een ziel?). Zijn opdracht: bezoek een heleboel verschillende kerken.

Hemant Mehta - Foto: Kim Cox

Daar kon Mehta zich wel in vinden, want de voormalig voorzitter van de Secular Students Alliance en eigenaar van de weblog friendlyatheist.com is een voorvechter van wederzijds begrip. Zodoende vereerde hij al aantekeningen makend 13 kerken met een bezoek. Daaronder bevonden zich lutheraanse, presbyteriaanse, baptistische en charismatische gemeentes, in grootte uiteenlopend van enkele tientallen tot duizenden zielen. Bij de ene leidde een vrouw de dienst, bij de andere stond er een hele blazerssectie op het podium te spelen, en bij weer een andere keek Mehta tegen een woud van omhooggestoken armen aan. Deze ‘recensies’ bundelde hij in zijn boek.

Zijn voornaamste vraag was: hoe toegankelijk zijn de kerken voor atheïsten en agnosten? Het is bijna onvermijdelijk dat een kritische buitenstaander zoals Mehta dingen aan te merken had op wat hij zag. Zijn voornaamste ergernissen waren:

  • Slechte sprekers die hun publiek niet weten vast te houden, die te abstract over het geloof praten. Herkenbaar: ik wist vroeger vaak een half uur na de preek al niet meer waar die over ging.

  • Een tactloze opstelling jegens niet- en andersgelovigen. Ook herkenbaar: ik heb als atheïst vaak liederen of preken moeten aanhoren waarin naar mij verwezen werd als goddeloos, boosaardig en verloren. Niet bepaald uitnodigend, zo vindt ook Mehta.

  • Storende elementen zoals gezwaai met de armen van mensen die elkaar lijken te willen ‘out-praisen’, extatisch geroep en gebrabbel om je heen, camera’s en andere apparatuur die het zicht op het podium belemmeren.

  • Een spreker die zijn bronnen niet goed checkt en feitelijke onjuistheden als waar verkondigt. Autoriteit brengt verantwoordelijkheid met zich mee.

  • Er is geen ruimte voor vragen, ook niet bij controversiële onderwerpen; de predikant doet zijn (blijkbaar onfeilbare) zegje en verdwijnt na afloop, geen discussiebijeenkomst voor mensen die uitleg willen.

Mehta levert niet alleen kritiek, maar geeft ook nuttige adviezen:

  • Toon als kerk maatschappelijke betrokkenheid, want dat is dé manier om je positief te profileren. Snoert mensen die zeggen dat religie tot ellende leidt de mond. En ivesteer niet alleen in christelijke initiatieven, alsof alleen die het waard zijn.

  • Trek goede sprekers aan die humor en persoonlijke anecdotes in hun preek verwerken en die zo de aandacht vasthouden en het geloof tastbaar maken.

  • Geef relevante preken die betrekking hebben op het leven van alledag, want de meeste mensen komen niet naar de kerk voor een droge bijbelstudie.

  • Geef de ruimte aan tegengestelde opvattingen. Nodig eens een atheïst of een andersgelovige uit voor een gesprek op het podium, of een wetenschapper als het gaat over een heikele kwestie als evolutie. Iedereen leert van zo’n bezoek, ook de gast.

Van alle kerken die Mehta bezocht, was hij het meest gecharmeerd van de bekende Willow Creek Community Church. Misschien is het logisch, maar hij lijkt sowieso een voorkeur te hebben voor laagdrempelige, ambitieuze kerken die actief een hand uitreiken naar buitenkerkelijken. Dat blijkt onder andere uit het feit dat hij Joel Osteen, predikant van de grootste kerk van de VS, erg waardeert om zijn praktische boodschap waarin hij niet teveel smijt met bijbelteksten.

Mehta laat niet na om het boek persoonlijk te maken. Hij vertelt hoe hij opgroeide binnen de religieuze traditie van het jaïnisme en over het proces van zijn eigen ‘ontkering’ op 14-jarige(!) leeftijd. Daarnaast geeft hij zijn eigen, atheïstische visie op belangrijke issues zoals de dood en de zin van het leven. Hij benadrukt dat het zijn eigen opvattingen zijn en dat ze een idee geven van de manier waarop een atheïst tegen zulke dingen aan kan kijken. Tegen het einde van het boek vertelt hij waarom het kerkbezoek hem niet heeft bekeerd en wat er wél nodig is om hem te laten geloven in God (ik verklap het alvast: een ondubbelzinnig wonder).

Als een terzijde vertelt Mehta dat hij wiskundeleraar is. Ik ga als wiskundehater met de nodige middelbareschooltrauma’s haast positief over dat beroep denken, want de schrijver blijft het hele boek lang intelligent, redelijk en respectvol. Hij blijft benadrukken dat hij een ‘vriendelijke atheïst’ is met zuivere motieven, en geen religiehater die overal een antwoord op denkt te hebben. Die herhaling begon me te irriteren, totdat ik me realiseerde dat atheïsten in de VS het redelijk zwaar te verduren hebben: ze zijn er volgens een onderzoek de meest gewantrouwde minderheid.

De enige keer dat Mehta wat scherper wordt, is wanneer hij vertelt hoe hij door evangelist Kirk Cameron (ja, die knaap van Growing Pains) in zijn radioshow in de val wordt gelokt. Zelfs nadat Mehta de hoorn op de haak heeft gelegd, wordt hij door de talkshow-hosts “fool” genoemd, “stony”, niet “humble” en zijn hart “hardened”. Hun belerende en ronduit agressieve praat contrasteert enorm met Mehta’s opstelling.

Ik heb veel bewondering voor Mehta’s initiatief en houding. Door het boek realiseerde ik me dat ik vroeger te veel bezig was met het bekritiseren van het christelijk geloof en vergat dat het uiteindelijk draait om kennisnemen en leren van elkaars standpunten. Omdat Mehta opgroeide als jaïnist en al op jonge leeftijd religie de rug toekeerde, staat hij denk ik wat onbevangener tegenover het christendom. Met zijn boek heeft hij een hele originele manier gevonden om christenen en atheïsten dichter bij elkaar te brengen. Ik stem daarom in met Kirk Camerons compliment(!) dat hij een “‘A’ for creativity” verdient.

Het boek is interessant voor iedereen die geïnteresseerd is in levensbeschouwing en samenleving, maar vooral voor christenen die a) meer over atheïsme willen weten en b) willen proberen agnosten en atheïsten de kerk in te krijgen (hopelijk met zuivere motieven!). Het leest opvallend lekker weg. Misschien wel té lekker, want ik had wel wat pittiger stellingnames en diepere discussies willen zien. Maar dat zou misschien niet helemaal bij Mehta’s tactiek van laagdrempelige toenadering passen.

I Sold My Soul on eBay is (voor bekenden) te leen bij mij of voor een goede prijs o.a. te koop op, jawel, eBay.

Recensie uit 2008, geüpdatet in 2013. Foto: Kim Cox/Flickr.com

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+Share on LinkedInPin on PinterestShare on Tumblr
categorie: boek