Kuieren door het heelal

Het populairwetenschappelijke boek The path: a one-mile walk through the universe is net als opvallend veel publicaties in dat genre smaakvol vormgegeven. Zeldzamer is dat de schrijfstijl in dit boek niet onderdoet voor de layout. Auteur Chet Raymo is professor emeritus in de natuurkunde en astronomie aan Stonehill College in Massachusetts. Al veertig jaar loopt hij bijna elke dag een mijl (circa 1,6 km) van zijn huis in North Easton naar zijn werk. Onderweg passeert hij onder meer een bos, weilanden en een beekje.

Die alledaagse mijl vormt voor hem een aanleiding om over uiteenlopende onderwerpen als ijstijden, tuinontwerp, sterren, DNA, literatuur en plantensoorten te schrijven. Want, stelt Raymo, “elke kiezel en wilde bloem heeft een verhaal te vertellen.” De kiezel op zijn pad was ooit onderdeel van een berg die omhooggestuwd werd toen de continenten tegen elkaar botsten. En naast het pad groeit de grote kattenstaart, een sierbloem uit het 19e-eeuwse Europa, die, eenmaal naar het uitgestrekte Amerika gebracht, zich oncontroleerbaar verspreidde. Achter alles, hoe klein of alledaags ook, zit een verhaal, zo blijkt.

Echte naturalist
Raymo’s schrijfstijl is af en toe erg romantisch. Lyrische zinnen in de trant van ‘de vlinders dartelden gracieus in het gouden ochtendlicht boven het rustiek kabbelende water’ komen íets te vaak voor. Het is begrijpelijk: de auteur houdt zielsveel van de natuur én poëzie. Het is eens wat anders dan het fantasieloze geschrijf van veel wetenschappers.

Raymo ontpopt zich in zijn boek als een echte naturalist, in de beide Engelse betekenissen van het woord: die van een veldonderzoeker (in zijn geval van het vroeg-wetenschappelijke, poëtische slag) en die van een aanhanger van het moderne naturalisme. Hij schrijft bijvoorbeeld: “Vroeg in de 21e eeuw lijkt het oude onderscheid tussen materie en geest irrelevant. (…) Materie heeft zich [in nieuwe theorieën] ontpopt als als iets met een verbazingwekkende, bijna immateriële subtiliteit.” Als voorbeeld noemt hij helium en waterstof, de ‘basiselementen’ die in de Big Bang ontstonden en het enorme potentieel hadden om complexe structuren en andere elementen te vormen.

Leven in harmonie
De rode draad van het boek is dat in het kleine het grote schuilt. Anders gezegd: het complexe bouwplan van de wereld tref je net zo goed aan in een insect als in een heelal vol sterrenstelsels. Al het leven, inclusief de mens, is verbonden door een “heilig web”, zoals poëet Raymo het noemt. Een bijna religieuze uitspraak, maar hij laat zien dat ze het logische gevolg zijn van het bestuderen van de wereld om ons heen.

Elders citeert hij de beroemde bioloog Thomas Huxley om een ander belangrijk punt te maken: “Tot in de kern van zijn wezen is de mens één met de rest van de organische wereld.” Volgens Raymo moet de mens, als deel van een “continuïteit die groter is dan hemzelf”, in harmonie leven met de wereld om hem heen. Maar om dat te kunnen, moet hij de natuur wel begrijpen.

Altruïsme
Dat kan volgens Raymo het best door met een wetenschappelijke, onderzoekende blik naar de wereld te kijken. Want, zo zegt hij, “dan zien we de dingen zoals ze zijn, niet zoals we ze zouden willen zien”. Het houdt ook de gedachte in dat we de complexiteit van de natuur kunnen ontrafelen, bijvoorbeeld om milieuproblemen en andere gevaren het hoofd te bieden.

Maar de eerdergenoemde diepe band die we hebben met de rest van de natuur vraagt volgens Raymo om meer: altruïsme ten opzichte van “planten, dieren, zelfs microben” (jammer van die genocide wanneer ik een maaltijd opwarm in de magnetron). Zijn ideale toekomstbeeld is een getemde natuur, eventueel met genetisch gemanipuleerde planten en dieren, een Hof van Eden waarin beschaving en wildernis met elkaar zijn vervlochten. Volgens hem zit ons verlangen naar zo’n Utopia in onze genen.

Grotere geheel
Droomt deze man van de wetenschap niet wat veel? Misschien, maar zoals hij zelf aan het eind van zijn boek zegt, worden de Verlichting, met z’n vertrouwen dat de menselijke geest de natuur kan doorgronden, en de Romantiek, met z’n overtuiging dat al het leven een wonder is, in zijn ideaal verenigd. Ik vind het een mooie combinatie, die alleen maar tot goede dingen kan leiden: meer onderzoek en ontdekkingen, met respect voor zoveel mogelijk levende wezens.

Een passend slot voor een origineel en laagdrempelig boekje, waarin professor Chet Raymo tenminste één doel bereikt: de lezer bewuster maken van het grotere geheel waartoe hij of zij behoort. Een aanrader!

(artikel uit 2007, geüpdatet in 2012)

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+Share on LinkedInPin on PinterestShare on Tumblr
categorie: boek